Direct naar hoofdinhoud
×

SWOV: “Juist fietsstraten met veel autoverkeer zijn vaak te smal”

Uit een steekproef van 87 fietsstraten blijkt dat een kwart van deze straten smaller is dan op basis van de richtlijnen en het gebruik wordt aanbevolen. Opvallend is dat juist de drukste straten — waar relatief veel motorvoertuigen rijden — het vaakst te smal zijn. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van SWOV naar de relatie tussen de inrichting en veiligheid van fietsstraten in vijftien gemeenten.

Lees meer

De 87 onderzochte fietsstraten hadden een totale lengte van ongeveer 45 kilometer. Hoewel de meeste fietsstraten functioneren zoals bedoeld – met meer fietsers dan auto’s – blijkt uit de metingen dat ongeveer een kwart niet voldoet aan de aanbevolen breedte. Die is minimaal 4 meter, maar loopt op bij hogere verkeersintensiteiten. Op fietsstraten met de hoogste motorvoertuigintensiteiten (200 of meer per spitsuur) voldoet geen enkele van de onderzochte straten aan die aanbevelingen.

Snelheid
Ook wat snelheid betreft is er ruimte voor verbetering. Op de meeste fietsstraten blijft de gemiddelde snelheid onder de limiet van 30 km/uur, maar de V85-snelheid – de snelheid die 85% van de bestuurders niet overschrijdt – ligt op meer dan de helft van de straten boven die limiet. Dat betekent dat een substantieel deel van het verkeer harder rijdt dan toegestaan.

Wat hangt samen met meer of minder ongevallen?
In het onderzoek is ook gekeken naar welke inrichtingselementen samenhangen met verschillen in het aantal ongevallen. Parkeervakken langs de fietsstraat, asmarkering en een hoge kruispuntdichtheid hangen samen met meer ongevallen. Een bredere rijloper (meer ruimte voor fietsers), een middenstrook en klinkerverharding hangen juist samen met minder ongevallen.

Lees het volledige rapport op de website van de SWOV.

Bron: SWOV

Deel deze pagina op: