Direct naar hoofdinhoud
×

Leren fietsen en naar school fietsen niet vanzelfsprekend

Slechts een kwart van de basisschoolkinderen fietst elke dag naar school. Ook leren fietsen op jonge leeftijd is niet voor alle kinderen vanzelfsprekend. Dit blijkt uit twee nieuwe onderzoeken van het Mulier Instituut. Samenwerking tussen meerdere partijen is nodig om kinderen te stimuleren om te leren fietsen en naar school te fietsen.

Lees meer

Kinderen leren fietsen vooral door het gewoon te doen, zo blijkt uit een van de onderzoeken die het Mulier Instituut onlangs publiceerde. De meeste kinderen hebben daar weinig extra hulp bij nodig, maar wel voldoende kansen om te oefenen. Bijvoorbeeld op een loopfiets, waarop ze beter leren balanceren dan op een fiets met zijwieltjes.
Toch leren niet alle kinderen vanzelfsprekend fietsen. Kinderen die motorisch minder vaardig zijn of minder kansen krijgen om te oefenen, lopen achter. Ook praktische zaken spelen een rol, zoals geld voor een geschikte (loop)fiets en ouders die zelf niet fietsen. Ondersteuning bij het leren fietsen zou zich daarom niet alleen op de vaardigheden moeten richten maar ook op het creëren van voldoende kansen om te oefenen, zoals het aanbieden van loopfietsen tijdens het buitenspelen op school, en het betrekken en motiveren van ouders.
 
Kwart leerlingen fiets dagelijks naar school
Basisschoolleerlingen (4–11 jaar) die kunnen fietsen, pakken lang niet allemaal dagelijks de fiets. Slechts een kwart fietst elke dag naar school, zo blijkt uit een vragenlijstonderzoek van het Mulier Instituut onder 720 ouders van basisschoolkinderen in Nederland. Iets meer dan de helft gaat wel elke dag op een actieve manier naar school. Dit kan bijvoorbeeld lopend of steppend zijn. De fiets blijft opvallend vaak staan.
Of een kind naar school fietst hang van meerdere factoren tegelijk af. Allereerst moeten kinderen het kunnen: fietsvaardigheden en verkeerskennis zijn belangrijk, vooral op jonge leeftijd. Ook de fysieke omgeving speelt mee. Goede fietspaden en veilige oversteekplekken helpen, terwijl drukke wegen en lange afstanden ouders terughoudend maken. Daarnaast speelt de sociale omgeving een rol. Kinderen stappen vaker op de fiets als ouders, scholen en buitenschoolse opvang hen aanmoedigen, en als vriendjes en klasgenoten dat ook doen. Tegelijk ervaren ouders praktische drempels, zoals tijdsdruk of het combineren van verschillende schoolroutes binnen één gezin. Tenslotte helpt de motivatie van kinderen en ouders ook om vaker de fiets te pakken, maar dit is niet doorslaggevend. Naast willen fietsen moeten kinderen ook kunnen fietsen en een omgeving hebben die dit ondersteunt.
 
Samenwerking nodig om fietsen te stimuleren
Het stimuleren van leren fietsen en naar school fietsen vraagt volgens het Mulier Instituut om een brede aanpak van meerdere factoren tegelijkertijd en waarin meerdere partijen samenwerken. Zorg voor steun van ouders en genoeg kansen om te oefenen om fietsvaardigheden vroeg aan te leren. Investeer in veilige fietsroutes en beperkt autoverkeer rondom scholen. En ondersteun ouders praktisch, bijvoorbeeld door fietsgroepen te faciliteren. Maak fietsen zichtbaarder en leuker voor kinderen, zodat het normaal wordt.
 
Rapporten

De rapporten van de twee onderzoeken van het Mulier Instituut zijn via de volgende links te lezen:
(Leren) fietsen gaat vanzelf, maar niet bij iedereen: Inzichten uit onderzoek en praktijk
Fiets je mee? Inzicht in fietsen naar de basisschool en welke factoren hiermee samenhangen

BRON: CROW

Deel deze pagina op: